Het omgevingsplan
Bezonning is een van de afwegingsaspecten voor de ruimtelijke kwaliteit. Voldoende zonlicht of juist voldoende schaduw op gebouwen, tuinen, terrassen en speelplekken is belangrijk.
Voldoende zon en schaduw
Sommige plekken hebben voldoende zon nodig, zoals tuinen, terrassen of speelplaatsen. Dit draagt bij aan een aangenaam verblijfsklimaat. Ook voldoende schaduw op deze plekken is wenselijk, zodat mensen in de steeds hetere zomers de schaduw kunnen opzoeken.
Een toename van schaduw – door beplanting, nieuwbouw of andere ruimtelijke ontwikkelingen – kan ongewenst zijn. Het is belangrijk om ervoor te zorgen dat er voldoende bezonning en schaduw is en blijft. De gemeente kan voorkomen dat er te veel schaduw ontstaat en juist zorgen voor voldoende schaduw, bijvoorbeeld door regels aan bouwwerken te stellen in het omgevingsplan.
Bezonning versus daglichttoetreding
Voldoende zon op de gevel van een gebouw kan ook belangrijk zijn. Bij bezonning gaat het echter niet om het zonlicht in de woning; dat is het onderwerp van daglichttoetreding. Hiervoor staan regels in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).
Stedenbouwkundige oplossingen
Stedenbouwkundige oplossingen kunnen zorgen voor voldoende zonlicht en schaduw. Voorbeelden hiervan zijn:
- Voldoende afstanden tussen (hoge) bebouwing
- Bouwhoogten
- Ligging van de openbare ruimte en speelplekken ten opzichte van de bebouwing
- De fysieke vorm van de gebouwen
- Zongericht verkavelen
Voldoende zonlicht en schaduw: taak voor de gemeente
Voldoende zonlicht en schaduw zijn aspecten van de fysieke leefomgeving (artikel 2.1 Omgevingswet). Hierdoor vormen zij een onderdeel van de taak van de gemeente voor het evenwichtig toedelen van functies aan locaties (artikelen 2.4 en 4.2 Omgevingswet) in het omgevingsplan. De rijksoverheid heeft voor dit aspect van de fysieke leefomgeving geen instructieregels opgesteld, waardoor de gemeente de vrijheid heeft om dit zelf in te vullen en gebruik te maken van alle mogelijkheden van het instrument omgevingsplan.
Omgevingsplan
Het ligt voor de hand dat de gemeente bij het toestaan van nieuwe ontwikkelingen het aspect zonlicht betrekt, omdat zowel de oorzaak als de oplossing van schaduwwerking en voldoende zonlicht vooral liggen bij lokale stedenbouwkundige keuzes. De gemeente kan dit bijvoorbeeld doen door sturing via bouwregels, zoals beschreven onder het kopje Stedenbouwkundige oplossingen. Tevens kan de gemeente kiezen voor:
- Het vastleggen van een omgevingsvergunningplicht in het omgevingsplan
- Het vastleggen van een meldingsplicht voor het bouwen van hoge gebouwen in het omgevingsplan
TNO-norm
Het onafhankelijke onderzoeksinstituut TNO heeft een norm voor bezonning. TNO kent een ‘lichte’ en een ‘strenge’ norm:
- De ‘lichte’ TNO-norm: ten minste 2 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari – 21 oktober (gedurende 8 maanden) op de binnenkant van de middenvensterbank.
- De ‘strenge’ TNO-norm: ten minste 3 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 21 januari – 22 november (gedurende 10 maanden) op de binnenkant van de middenvensterbank.
Deze normen zijn alleen van toepassing op gevels die zon kunnen ontvangen. Noordgevels ontvangen nooit direct zonlicht. Hoewel de wet de TNO-norm niet verplicht stelt, hanteren veel gemeenten deze norm. Een aantal gemeenten heeft beleid gebaseerd op deze norm, en de gemeente kan er eventueel voor kiezen om een verplichting voor een onderzoek volgens deze TNO-norm in het omgevingsplan op te nemen.
Bezonningsdiagrammen
Bezonningsdiagrammen geven inzicht in of er voldoende zonlicht is op bijvoorbeeld gevels, tuinen, terrassen en speelplekken. Tevens geven deze diagrammen inzicht in de toename van schaduw op de omgeving door nieuwbouw. Met een driedimensionaal model is het mogelijk de bestaande situatie te vergelijken met de toekomstige situatie. De volgende dagen van de vier seizoenen zijn maatgevend:
- 22 december: de dag dat de zon het laagst staat
- 21 juni: de dag dat de zon het hoogst staat
- 21 maart: de dag dat de zon op ‘half’ staat, namelijk precies tussen de stand van 22 december en 21 juni (zomertijd)
- 23 september: de dag dat de zon op ‘half’ staat, namelijk precies tussen de stand van 21 juni en 22 december (wintertijd)
Meettijdstippen
De volgende meettijdstippen zijn gebruikelijk:
- 9.00 uur
- 12.00 uur
- 15.00 uur
- 18.00 uur (dit tijdstip is niet van belang op 21 december omdat de zon dan al onder is)
- 20.00 uur (dit tijdstip is alleen in juni van belang)
Een bezonningsstudie laten maken
Wij hebben een interactieve schaduwsimulator ontwikkeld om een kwalitatief betere en betaalbaardere bezonningsstudie op de markt te brengen. Met ruim 15 jaar ervaring op het gebied van schaduw en bezonning, en dankzij onze samenwerkingen en achtergronden in de architectuur en ruimtelijke ordening, kunnen wij met recht stellen dat wij specialist zijn op het gebied van bezonningsstudies.
Aangezien het ons minder tijd kost om een studie te realiseren, bieden wij een bezonningsstudie aan voor een concurrerende prijs. En voor die aantrekkelijke prijs krijgt u ook nog eens veel meer mogelijkheden. Meer bezonningsstudie voor minder geld dus. Wilt u weten wat het kost om voor uw project een bezonningsstudie te laten maken? Vraag dan een vrijblijvende offerte aan.
Een bezonningsstudie geeft duidelijkheid over zon en schaduw
